René verstuurt pakketje drugs: 'Dacht dat het kleding was'
In dit artikel:
In Den Haag verscheen René voor de politierechter omdat hij een pakketje afleverde dat bleek gevuld met drugs. Het kleine doosje bleek circa drie kilo te wegen; ongeveer de helft bestond uit MDMA-pillen, de andere helft uit ketamine. Het Openbaar Ministerie vervolgde hem alleen voor de MDMA, omdat ketamine onder de geneesmiddelenwet valt.
René verklaarde dat hij dacht kleding te vervoeren. Hij had het pakje aangenomen van een bekende uit de hondenuitlaatplek — in de zitting aangeduid als "Fernando" — en zou het naar Schiphol brengen; eindbestemming zou Chili zijn. Hij ontving 150 euro voor de klus. Volgens hem kende hij de vermeende afzender (een Hubert uit Enschede) niet en had hij geen idee wat er in het doosje zat. De rechter wees erop dat het merkwaardig is een onbekende voor zo’n reisopdracht te vertrouwen, zeker als het gaat om een klein, maar zwaar pakket en een bedrag dat relatief hoog lijkt voor een simpele gunst.
Het OM voerde aan dat dergelijke zendingen in Nederland en daarbuiten veel klachten geven en wees op het speciale HARP-team dat jaarlijks vele drugspakketten onderschept. Qua strafkader noemde de officier de richtlijn: tot 1,5 kg maximaal 12 maanden cel, daarboven tot 24 maanden. De hoeveelheid MDMA in René’s zaak lag net 25 gram boven die 1,5 kg-grens, maar omdat de politierechter niet meer kan opleggen dan een jaar, eiste het OM een gevangenisstraf van twaalf maanden als afschrikking. De officier vond Renés verhaal ongeloofwaardig: iemand die 150 euro accepteert om een pakket voor een volslagen vreemde te bezorgen, moet volgens haar beseffen dat het om iets illegaals gaat.
De verdediging schetste een andere kant: René is geen beroepscrimineel, ontvangt een WAO-uitkering, woont en heeft een relatie en nam de klus uit armoede/goedheid aan. De advocaat waarschuwde dat gedwongen detentie hem zijn woning zou kosten omdat de uitkering na vier weken stopt, met negatieve gevolgen voor re-integratie en recidive. Men vroeg om een grotendeels voorwaardelijke straf en een taakstraf.
De politierechter oordeelde dat er sprake was van voorwaardelijke opzet: het aannemen en bezorgen van een zwaar, vreemd pakket voor onbekenden maakte het redelijkerwijs waarschijnlijk dat er drugs in konden zitten. Toch beschouwde de rechter de verdachte niet als een gevaarlijke recidivist, maar meer als een schlemiel die zich liet ronselen. De uitspraak: 180 dagen gevangenisstraf waarvan 169 voorwaardelijk — rekening houdend met de 11 dagen die René al in voorlopige hechtenis had doorgebracht — en een werkstraf van 240 uur. De voorwaardelijke termijn blijft boven zijn hoofd hangen als waarschuwing voor toekomstige aanbiedingen.
De namen in de zaak zijn gefingeerd. Na de uitspraak toonde René opluchting; zijn raadsman raadde hem af in hoger beroep te gaan. De zaak illustreert het fenomeen waarbij kwetsbare burgers worden ingezet voor drugssmokkel en de juridische afweging tussen strafrechtelijke afschrikking en persoonlijke omstandigheden.
Vandaag Inside Oranje: Wesley Sneijder: 'Dat is de grootste onzin die ik uit de mond van Valentijn Driessen heb gehoord!'