Op de Haagse Markt: 'Mensen met meer tijd en minder poen, die komen hier'
In dit artikel:
Op De Haagse Markt in Den Haag staat de familie Lobel symbool voor een verdwijnende markttraditie. Louis Lobel (79) verkoopt al ruim zestig jaar groente en fruit op de grootste openluchtmarkt van Nederland, samen met zijn zoon Michel (54). De markt aan de Herman Costerstraat bestaat inmiddels 88 jaar en telt meer dan vijfhonderd kramen, maar volgens Michel heeft het vak weinig toekomst meer: na de derde generatie lijkt de familie ermee te stoppen.
Louis kwam ooit via een omweg op de markt terecht. Omdat de kraam destijds maar van vader op één zoon kon worden overgenomen, leerde hij eerst het schildersvak, om later toch als zogeheten “meeloper” terug te keren. Inmiddels staat hij nog steeds bijna dagelijks achter de groentekraam, vooral omdat thuiszitten niets voor hem is. Zijn visie op de markt is somber: boodschappen doen verandert, klanten bestellen steeds vaker online en betaalbare groente is lastiger te verkopen geworden. Volgens hem trekken vooral mensen met minder geld en meer tijd nog naar de markt.
Michel ziet hetzelfde gebeuren en past het aanbod daarop aan: goedkope seizoensproducten verkopen beter dan dure artikelen zoals asperges. Ondertussen kijkt de familie al vooruit naar het einde van hun marktverhaal. De kinderen kiezen andere beroepen en de eeuwenoude marktcultuur binnen deze Haagse familie lijkt daarmee op zijn einde te lopen.
De Oranjezomer: Wat is het gekste waar Victor Vlam ooit aan heeft gelikt? ‘Hoe heet ‘ie ook alweer?!’