Mauritshuis: 'rechtszaak door erfgenamen Bredius raakt ons in de kern'
In dit artikel:
De erfgenamen van kunsthistoricus en oud-directeur Abraham Bredius hebben het Mauritshuis aangeklaagd omdat het museum niet voldoet aan de voorwaarde uit Brediuses nalatenschap dat 25 geschonken werken, waaronder schilderijen van Rembrandt, blijvend zichtbaar moeten zijn. De zitting vond vrijdagochtend plaats in de rechtbank; Bredius was tussen 1889 en 1909 directeur van het Haagse museum.
Het Mauritshuis houdt het merendeel van die stukken in het depot en zegt dat dat voortkomt uit gebrek aan tentoonstellingsruimte en de noodzaak om binnen een groeiende collectie keuzes te maken. Directeur Martine Gosselink zei in de rechtszaal dat de zaak het museum "raakt ons in de kern". Volgens de advocaat van het museum kwam de procedure als een volkomen verrassing.
De eisers zijn familie van Joseph Kronig, een protegé en enige erfgenaam van Bredius, en willen de werken terug; hun advocaat noemde het "ondenkbaar" dat Bredius zijn beste stukken zou nalaten terwijl veel daarvan niet te zien zijn. De zaak belicht het spanningsveld tussen erfstellingsvoorwaarden van gulle gevers en de praktische beperkingen van museale presentatie.