Hagenaars zijn goed bezig: leveren massaal afval in voor geld
In dit artikel:
Een jaar nadat Droppie onverwacht vier winkels tegelijk in Den Haag opende, blijkt de formule hier veel succesvoller dan in Amsterdam. In de vier vestigingen (Fahrenheitstraat, De Savornin Lohmanplein, Theresiastraat en Van Bergenstraat) kwamen in de afgelopen twaalf maanden meer dan 82.000 klanten langs en werd bijna 170.000 kilo materiaal ingeleverd. Vooral statiegeldartikelen scoren hoog: ruim 3,6 miljoen blikjes en flesjes zijn bij de Haagse filialen ingeleverd. Omdat het goed loopt, opent Droppie deze week een extra grote “fullservice”winkel van 140 m2 aan de Leyweg, met onder meer een van de grootste flessenautomaten ter wereld (meer dan 100 blikjes en flesjes per minuut).
Wat Droppie aanbiedt is laagdrempelig: op één locatie kunnen inwoners uiteenlopende spullen inleveren — kleding, schoenen, tassen, telefoons, kabels, huishoudelijke spullen, yoghurtbakjes, drinkpakken, frituurvet, blikjes en plastic flessen (geen glas) — en krijgen ze er geld voor terug. De verdienste voor inbrengers varieert; elektrisch materiaal en textiel leveren circa €0,10 per kilo op, plastic ongeveer €0,20 per kilo. Droppie verdient aan de doorverkoop van de ingezamelde grondstoffen en ziet zichzelf als aanvulling op de gemeentelijke inzameling: de aangeleverde goederen zijn relatief schoon en dus beter geschikt voor hoogwaardige recycling dan PMD dat via nascheiding uit restafval komt.
Een belangrijke tactiek van Droppie is het combineren van pakketdiensten met inzameling: alle winkels fungeren als pakketpunten, wat dagelijks klanten naar de vestiging trekt. De nieuwe Leyweg-winkel krijgt een balie voor fullservice-activiteiten en verwacht 500–700 bezoekers per dag. Binnenmuren met speciale inleverbakken maken het aanbieden van verschillende stromen (printercartridges, textiel, tennisballen etc.) overzichtelijk voor bezoekers, en personeel geeft ook uitleg over hergebruik en waarde van materialen (bijvoorbeeld goud in oude mobiele telefoons).
De gemeente Den Haag prijst de bijdrage van Droppie aan bewustwording en constateert dat per filiaal in Den Haag meer grondstoffen worden aangeleverd dan in andere steden waar Droppie actief is. Tegelijkertijd benadrukt de gemeente dat zij zorgvuldig wil bekijken bij welke stromen een samenwerking passend is binnen het bestaande Haagse inzamelsysteem. Droppie zegt geen afhankelijkheid van subsidies te willen en zoekt naar gedragen, commerciële en verbindende oplossingen.
Plannen voor uitbreiding en innovatie zijn er volop: Leyweg wordt filiaal nummer 13, met de ambitie uiteindelijk zo’n 70 winkels in Nederland te hebben, al ligt de huidige focus op de vier grote steden. Droppie experimenteert ook met nieuwe stromen elders: in Utrecht loopt een proef voor het ophalen van matrassen, wat goed gaat, maar inzameling van matrassen in Den Haag stuit op wettelijke en gemeentelijke taken die niet zomaar zijn overdraagbaar. Dit wordt met de gemeente onderzocht om te zien of Droppie aanvullend kan opereren binnen de Haagse grondstofketen.
Naast inzameling gaat de Leyweg-winkel ook circulaire producten verkopen (bijvoorbeeld duurzaam toiletpapier, notitieboekjes en gereviseerde elektronica). Zelfs de balie is circulair: gemaakt van gerecycled decormateriaal. Met deze mix van financiële prikkels, zichtbaarheid via pakketdiensten en educatie probeert Droppie zowel meer grondstoffen terug te winnen als bewoners aan te zetten tot ander afvalgedrag.
Vandaag Inside Oranje: Chris Woerts heeft weinig vertrouwen in WK-kansen Oranje: 'Ik denk dat het héél snel afgelopen is!'